Inhoudsopgave
Categorieën
Het gebeurt relatief vaak dat mensen met autisme ook andere problemen ervaren, zoals stresss, angst, paniekaanvallen, dwanggedachten, depressie, burn-out klachten of trauma's.
Bijkomende psychische problemen
Veel mensen met autisme krijgen eerst andere diagnoses. Zo komt het regelmatig voor dat pas later blijkt dat er (ook) sprake is van autisme Het kan ook zijn dat eerst de diagnose autisme wordt gesteld en dat er daarna andere problemen voorkomen. Door deze complexiteit wordt niet altijd de juiste behandeling ingezet. Tijdige herkenning is belangrijk om de juiste begeleiding te kunnen krijgen. Met name omdat autisme en psychische problemen door diverse omstandigheden regelmatig voorkomen.
Autisme met bijkomende kwetsbaarheden
Een groot deel van de mensen met autisme zijn kwetsbaar voor bijkomende problemen. Sommige zijn heel gevoelig voor spanningsklachten, doordat ze meer details waarnemen en de wereld om hen als onvoorspelbaar wordt ervaren. Als je niet weet wat er gaat gebeuren, maakt dat de situatie onoverzichtelijk, onvoorspelbaar en angstig. Je moet je voorbereiden, alle mogelijkheden overzien en situaties voorspelbaar proberen te houden. Helaas lukt dat niet altijd, omdat er altijd wel veranderingen en inventies plaatsvinden die je niet voorziet. Dat maakt mensen met autisme altijd meer kwetsbaar voor veranderingen en hebben ze veel behoefte aan structuur.
Het ontwikkelen van psychische problemen
Er zijn bepaalde onderliggende factoren die een rol spelen bij het ontwikkelen van psychische problemen. Misschien heb je angsten ontwikkeld of ondervindt je dagelijks veel stress. Als je een onveilige jeugd hebt gehad, gepest bent of trauma's hebt opgelopen, heb je als volwassene met autisme meer kans op psychische problemen. Je innerlijk systeem en zenuwstelsel, en met name bij vrouwen met autisme, zijn nu eenmaal gevoeliger voor overprikkeling en negatieve invloeden van buitenaf, waarmee je ook meer kans hebt op depressieve klachten. Bij mannen ligt dit percentage in de praktijk iets lager.
Wat als autisme niet wordt gezien?
Als autisme door artsen, psychologen of behandelaars over het hoofd wordt gezien, kunnen behandelingen niet echt goed aanslaan. Soms kan een behandelaar de psychische klachten niet (gelijk) linken aan autisme. Helemaal als er ook (nog) geen diagnose is gesteld. Helaas kunnen hierdoor misdiagnoses ontstaan. Als er aan autisme gedacht wordt, dan is dat in de praktijk vaak meer dan dat alleen. De kenmerken die hieruit naar voren komen kunnen gepaard gaan met psychische klachten en een structureel hoge stressfactor. Het is dan ook heel belangrijk dat een professional de juiste diagnose kan stellen, om te voorkomen dat autisme over het hoofd wordt gezien en er een onvolledige diagnose wordt gesteld.
Minder afstemming met het eigen lichaam
Het is van belang om signalen van je eigen lichaam te ervaren. Denk aan pijn, honger, dorst, vermoeidheid etc. Veel mensen met autisme staan minder goed afgesteld op het herkennen van de waarschuwingssignalen uit het lichaam. Negeer je deze signalen of ga je voortdurend over je grenzen heen, kun je op ten duur steeds meer overprikkelt raken en oplopende stresssymptomen krijgen. Je lichaam blijft erg vermoeid, je voelt je nooit echt uitgerust, waardoor ook het risico op psychische problemen wordt vergroot. Je innerlijke systeem kan het dan niet meer volhouden, waardoor burn-out symptomen op de loer kunnen liggen.
Angsten en angststoornissen bij autisme
Vrijwel iedereen met met autisme heeft een grote behoefte aan overzichtelijkheid en voorspelbaarheid. In voorspelbare en bekende situaties ervaren zij grip en controle op de dingen die gebeuren. Op het moment dat situaties (ineens) anders verlopen, gaat ook gelijk je stresslevel omhoog. De ene persoon kan hier ook beter in schakelen dan een ander. In tijden van hoge stress en oververmoeidheid, zullen angsten en piekergedrag toenemen. Je blijft piekeren over allerlei dingen, maakt je zorgen hoe je de volgende dag moet overleven en kan steeds meer het gevoel hebben dat je de controle verliest. Indien de angsten op de voorgrond komen te staan, kan er mogelijk door een psycholoog een angststoornis vastgesteld worden. Indien er echter autisme in het spel is, zal dit hier inherent altijd een rol in spelen.
Welke hulp is er nodig?
Het tijdig herkennen van autisme blijkt dus heel belangrijk. Als iemand met autisme hulp zoekt voor psychische klachten, maar de link naar autisme kan niet worden gelegd, kan die combinatie extra complexiteit met zich meebrengen. De aandacht wordt dan hoofdzakelijk gelegd op bijvoorbeeld een angststoornis, depressieve klachten, opgelopen trauma of een burn-out. Echter kunnen deze klachten juist versterkt worden door autisme. Heb je dus een vermoeden van autisme, geef dit dan altijd aan als je hulp zoekt bij een psycholoog of de behandelaar! Hoe eerder deze behandelaar de juiste verbanden kan leggen tussen een klacht en het onderliggend verband met (vermeende) autisme, hoe beter de aangeboden hulp op de hulpvraag afgestemd kan worden.
“Psychische problemen bij autisme vragen extra aandacht”
Een Reactie
Laat een reactie achter
Gerelateerde berichten



Hallo Corrie,
Ik dacht: ik neem weer eens een kijkje op deze website. Morgen is de laatste schooldag hier en na de laatste intensieve weken is het nu tijd voor ontladen om daarna weer te kunnen opladen. Die laatste weken maak ik overigens optimaal gebruik van mijn pluspunten van mijn autistische brein. En mijn directe collega’s waar ik dan mee samenwerk, waarderen dat ook heel erg. Mijn ‘special gifts’, fouten opmerken in de geprinte diploma’s die uitgereikt gaan worden, komen dan heel goed van pas. Overigens moest ik wel even wennen aan de nieuwe vormgeving van de website. Het knopje waar ik altijd op druk, zit opeens ergens anders. Gelukkig kom ik het vaker tegen dat na een update dingen op een andere plek staan. Het wordt bijna voorspelbaar. Je boodschap is weer heel goed. Dat zouden alle diagnosticeerders in deze branche ter harte moeten nemen. Het vrouwelijke fenotype van autisme (wat ook bij mannen voor kan komen) is heel moeilijk te herkennen. Sommigen van ons zijn meesters in het kopiëren van het gedrag van anderen. En als het vooral ‘Peers”, (leeftijdsgenoten) zijn die in de neurotypische categorie vallen. Dan is het wachten op de problemen die je benoemt. We hebben een ander ritme/ verwerkingstijd of hoe je het ook wilt benoemen dan de gemiddelde mens. Helaas wordt dat verschil alleen maar groter.